A A A

Waarom?

Het bestuur van de Vereniging Hollandscheveld zette het onderwerp zorg en welzijn in 2012 op de agenda. De rijksoverheid was toen al bezig met plannen om de zorg te hervormen.  Hoe dit precies vorm zou krijgen was nog onduidelijk. Duidelijk was echter wel, dat de kracht meer van de samenleving moest uitgaan. Men moest er rekening mee houden dat in de toekomst minder op de overheid kon worden gerekend. Er was een zoektocht aan de gang naar een ander soort samenleving. Een samenleving, waarin mensen meer naar elkaar omzien en waarin mensen elkaar meer te hulp schieten als dat noodzakelijk is.  De tijd dat men voor van alles en nog wat een beroep op de overheid kon doen, moest achter ons komen te liggen, zo redeneerde men in  ‘politiek Den Haag’. De kosten rezen de pan uit en op de oude voet verder gaan zou betekenen dat de zorg in de toekomst onbetaalbaar zou worden en dus niet houdbaar zou blijven.

 

Wie pakt de handschoen op?

Als Vereniging Hollandscheveld behoor je de belangen van de inwoners te behartigen. Daarvoor is de vereniging in 1865 immers opgericht. In de eerste jaren na haar oprichting maakte de vereniging zich al sterk om een huisarts in het dorp gestationeerd te krijgen. En vooral om deze hier ook te houden. De gezondheidszorg had de vereniging toen al hoog in haar vaandel staan.

Nu stond het bestuur van de Vereniging Hollandscheveld voor de keuze of ze actief moest inspelen op de komende veranderingen in de zorg of dat ze ‘de hele boel, de boel’ moest laten. Deze vraag was snel beantwoord. Het bestuur vond en vindt, dat hier een belangrijke taak is weggelegd voor de vereniging, omdat er grote belangen op het spel staan die een steeds groter wordende groep inwoners direct raken. Het is immers zo dat de nieuwe regels er onder meer vanuit gaan dat mensen langer ‘op zichzelf’ moeten blijven wonen.  Het gevolg zal zijn, dat mensen die al wel ondersteuning en zorg nodig hebben, niet zo maar in aanmerking komen voor een plaatsje in een verzorgingshuis. Op zichzelf hoeft dit voor velen niet erg te zijn, want over het algemeen wil men zo’n verhuizing ook wel graag zo lang mogelijk uitstellen. Maar als men tegelijkertijd zichzelf meer moet zien te redden, omdat de overheid minder taken voor haar rekening neemt, dan dreigen er voor deze groepen wel problemen te ontstaan. 

 

Hoe gaat het verder?

Het bestuur heeft gekozen voor de oprichting van een Dorpscoöperatie Zorg en Welzijn. Een werkgroep heeft hieraan gewerkt. Klik hier om naar het projectplan te gaan. Op basis van dit plan heeft de provincie ons als startkapitaal een bijdrage van € 25.000,00 verleend.

De werkgroep, bestaande uit Aly Bruins, Willem Kip, Wim Kleine en Jan de Vries, heeft zich verder georiënteerd door het bijwonen van een aantal  symposia en het in gesprek gaan met het bestuur van de zorgcoöperatie in Austerlitz, de gemeente en met zorgaanbieders als Icare en de Zorgzaak.    

De vraag was hoe je saamhorigheid zo kunt stimuleren,  dat de bewoners meer naar elkaar omzien en dat de één, de ander wil helpen als dit nodig is. Een samenleving waarin door onderlinge solidariteit niemand tussen wal en schip terechtkomt. Hoe je dit zo kunt organiseren dat iedereen die dat wil toch de nodige hulp kan krijgen. 

In het voorjaar van 2014 heeft de werkgroep huis aan huis een enquêteformulier verspreid. De respons was goed en de uitslag was overduidelijk. De inwoners ondersteunden het idee van een eigen organisatie in het dorp voor zorg en welzijn. Velen leverden ‘boter bij de vis’; zij waren bereid bepaalde klussen op zich te nemen. Ongeveer 200 inwoners gaven zich op voor in totaal bijna 500 vrijwilligersklussen. De werkgroep heeft inmiddels met bijna alle vrijwilligers gesprekken gehad.

Toen in september 2013 in de troonrede werd aangekondigd dat de verzorgingsstaat omgevormd wordt naar een participatiesamenleving, stimuleerde dit de werkgroep nog meer om een toekomstige organisatie niet alleen met vrijwilligerstaken aan de slag te laten gaan. Als de overheid mensen actief wil laten deelnemen aan de samenleving, dan horen daar ook bevoegdheden bij. De bevoegdheid van de gemeente om professionele ondersteuningstaken aan cliënten toe te wijzen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), hoort dan ook bij de bewonersorganisatie komen te liggen. 

 

 De uitkomst     

Het college van Burgemeester en Wethouders heeft in november 2014 besloten dat de dorpscoöperatie in Hollandscheveld model zal staan voor wijken in Hoogeveen en de andere dorpen binnen de gemeente.  De Dorpscoöperatie krijgt de bevoegdheid de professionele ondersteuningstaken op grond van de Wmo uit te voeren. Dit betekent tegelijkertijd, dat de dorpscoöperatie een dorpsregisseur kan aanstellen, die deze wettelijke taken voor de inwoners gaat regelen. Ook kan de dorpsregisseur vrijwilligers inschakelen voor allerlei klussen; dit zijn klussen die voor de zorgbehoevende inwoners in de Wmo niet zijn geregeld. Hiermee wordt de coöperatie een volwaardige organisatie.

 

De volgende stap

Het (voorlopige) bestuur dat bij de oprichting van de Dorpscoöperatie op 23 december 2014 is gevormd en bestaat uit Aly Bruins, Peter Dekker, Willem Kip, Wim Kleine en Jan de Vries, zal op korte termijn de sollicitatieprocedure voor een dorpsregisseur opstarten.

 

Projectplan